| Van ei tot vlinder |
| Een vlinder kent in zijn leven vier stadia. Allereerst worden er eitjes gelegd op het blad van een plant die als voedsel kan dienen voor de kleine rupsen. Deze planten worden waardplanten of voedselplanten genoemd en kunnen per soort verschillend zijn. |
| Enkele eivormen bij dagvlinders |
|
| Rupsen eten verhoudingsgewijs erg veel, zij vervellen dan ook regelmatig omdat hun oude huid te klein is geworden. |
| De onderdelen van een rups |
|
| In het laatste deel van hun rupsen bestaan verpoppen ze zich. In dit popstadium ondergaan ze een volledige gedaanteverwisseling (metamorfose) en kruipen naderhand als vlinder uit hun cocon. |
| De onderdelen van een pop |
|
| De eetgewoonte van het dier is daarna totaal veranderd. Als rups at hij vooral bladeren nu het volwassen is snoept hij alleen nog maar van de nectar; (Dit bestaat uit suikers en kleine hoeveelheden eiwitten, vitamines en smaakstoffen opgelost in water). Om bij de nectar te kunnen komen die onderin de bloemkelken zit maken vlinders gebruik van een lange holle roltong. De nectar ligt meestal zodanig in een bloem opgeslagen dat de vlinders bij het zoeken ernaar de bloemen ook bestuiven. Ze zijn dus niet alleen mooi maar ook nuttig. Ze worden wel in twee groepen verdeeld de dag- en de nachtvlinders. De dagvlinders hebben knopvormige sprieten op hun kop en vaak erg mooie kleuren. De nachtvlinders hebben meestal een wat bruin grijze tekening en hun sprieten zien er heel anders uit. |
| Topologie van een vlinder |
|
| Wanneer we vlinders in de tuin willen hebben doen we er goed aan om zowel voedselplanten voor de rupsen als nectarplanten voor de vlinders te planten. Hieronder staan enkele voorbeelden van planten die voor vlinders of rupsen erg aantrekkelijk zijn: |
| Afbeeldingen van dit overzicht zijn afkomstig van Dagvlinders en Europese vlinders |
| Nectarplanten "top 10" | |
| Nectarplant Nederlandse naam | Nectarplant Wetenschappelijke naam |
|---|---|
| Vlinderstruik | Buddleia davidii |
| Sleedoorn | Prunus spinosa |
| Afrikaantje (enkelbloemig) | Tagetes spec. |
| Guldenroede | Solidago canadensis 'Nana' |
| Herfstaster | Asternovi-belgii |
| Salie | Salvia pratensis |
| Kattestaart | Lythrum salicaria |
| hoge en lage Phlox | Phlox subulata en Phlox paniculata |
| Kamperfoelie | Lonicera periclymenum en Lonicera sempervirens |
| Geurende reseda | Reseda odorata |
| Sleutelbloem | Primula denticulata en Primula florindae |
| Wolfsmelk | Euphorbia spec. |
| Lavendel | Lavandula angustifolia |
| Kogeldistel | Echinops spec. |
| Bijenkorfje | Prunella x webbiana |
| IJzerhart | Verbena bonariensis en Verbena rigida |
| Scabiosa | Scabiosa atropurpurea |