De Luscinia'sHet onderstaande verhaal is aanvankelijk geschreven voor de leden van de Leidse KNNV Vogelwerkgroep. Het heeft betrekking op de twee in Nederland voorkomende vertegenwoordigers van het genus Luscinia namelijk de blauwborst en de nachtegaal© Henk Merts mei 2001
|
| Luscinia'a Algemeen | ||
| Klasse: | Vogels | Aves |
| Orde: | Zangvogels | Passeriformes |
| Familie: | Lijsters | Turdidae |
| Genus: | Luscinia (?) | Luscinia |
| De Nederlandse Luscinia's | ||
| Nederlandse naam | Wetenschappelijke naam | Status |
| Blauwborst | Luscinia svecica ** ** toelichting zie verdere informatie | Zomergast |
| Nachtegaal | Luscinia megarhynchos | Zomergast |
| De buitenlandse Luscinia's | ||
| Nederlandse naam | Wetenschappelijke naam | Status |
| Noordse Nachtegaal | Luscinia Luscinia | Dwaalgast (zeldzaam in Nederland) |
| Roodkeelnachtegaal | Luscinia calliope | Zeer zeldzaam in Nederland |
| Blauwe nachtegaal | Luscinia cyane | Nooit in Nederland waargenomen |
| Snornachtegaal | Luscinia sibilans | Nooit in Nederland waargenomen |
| Zwartborstnachtegaal | Luscinia pectoralis | Nooit in Nederland waargenomen |
| Roodkopnachtegaal | Luscinia ruficeps | Nooit in Nederland waargenomen |
| Zwartkeelnachtegaal | Luscinia obscura | Nooit in Nederland waargenomen |
| Père Davids Nachtegaal | Luscinia pectardens | Nooit in Nederland waargenomen |
| Oranje Nachtegaal | Luscinia brunnea | Nooit in Nederland waargenomen |
| Nederlands | Fries | Engels | Duits | Frans |
|---|---|---|---|---|
| Blauwborst | Blauboarstke | Bluethroat | Blaukehlchen | Gorgebleue |
| Nachtegaal | Geal | Nightingale | Nachtigall | Rossignol philomèle |
| Noordse Nachtegaal | Noaardske Geal | Thrush Nightingale | Sprosser | Rossignol progné |
| Het grappige bij de blauwborst is dat het Nederlands en het Fries kiest voor de kleur van de borst, terwijl het Engels, Duits en Frans het over een "blauwkeel" hebben. (zie ook volksnamen) |
| ** Drie ondersoorten door geografische variatie | |
| Luscinia svecica cyanecula Witsterblauwborst (wit gesterde) | zomergast in Nederland >2.000 broedparen) (komt voor in Midden Europa, noordelijk tot Finse golf ) |
| Luscinia svecica svecica Roodsterblauwborst (rood gesterde) | zeldzame doortrekker in Nederland komt voor in Scandinavië en NW Europa en plaatselijk in de Alpen |
| Luscinia svecica magna heeft een volledig blauwe borst | komt niet in Nederland voor, (wel in Turkije en de Kaukasus) |
| n.b. In sommige (oude) boeken zal men de blauwborst nog kunnen tegenkomen onder zijn oude wetenschappelijke genus naam Cyanosylvia (dit betekent zo iets als helderblauwe bosvogel) Vroeger noemde de ornithologen het dier dan voluit Cyanosylvia svecica de laatste naam svecica die ook nog in de huidige naam te vinden is betekent uit Zweden. | |
| Diverse volksnamen voor de blauwborst | |
|---|---|
| Blauwkeeltje | Zie ook Engels, Duits en Frans |
| Maanvogeltje | naar de witte keelvlek |
| Sterreborstje | idem |
| Pauwstaartje | genoemd naar de balts van het mannetje; kop in de nek en gespreide staart |
| Stakemus | Hij zingt aan het einde van een tak in de top van een struik |
| Mastvogeltje | idem |
| Waternachtegaal | moerasachtige broedgebied |
| Witvlekblauwborst | Witgesterde- of witsterblauwborst |
| Roodvlekblauwborst | Roodsterblauwborst of roodgesterde blauwborst |
|
Blauwborst is nog maar een povere omschrijving van het fraai gekleurde befje van dit vogeltje.
Midden in het korenbloemblauwe veld zit nog een witte vlek en van onder is het afgezet met een zwarte band,
gevolgd door een roodbruine zoom.
In Noord-Europa komt een vorm voor met en roestbruine ster in het blauwe veld Uit Het beste vogelboek Overige uiterlijke kenmerken van de blauwborst Alleen volwassen mannetjes hebben in het voorjaar een blauwe borst. 1e Winter mannen hebben een klein blauw kraagje dit geldt ook voor adulte vrouwtjes, sommige wijfjes blijven er altijd uitzien als een 1e winter vrouwtje dat wil zeggen ze hebben een witte keel omzoomt door een rand van zwarte vlekken. Alle kleden behalve die van juvenielen kenmerken zich door een duidelijk witte wenkbrauwstreep en roestrode vlek aan staartbasis. (Goed te zien in vlucht of als de vogel zit met omhoog gewipte staart.) (De verschillende kleden zijn het best te zien in de ANWB vogelgids van Europa pagina 261) |
|
Zijn zang, vertelde Jac. P. Thijsse Beantwoordt aan de hoogste eisen In elk register magistraal De . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . |
| Nachtegaal ook in diverse vogel-volksnamen | |
| Gewone vogelnaam | "Benachtegaalde" naam |
| Blauwborst | Waternachtegaal |
| Heggenmus | Bastaard nachtegaal (zie ook spotvogel) |
| Heggenmus | Boerennachtegaal |
| Noordse Nachtegaal | Poolse Nachtegaal of Russische Nachtegaal |
| Snor | Nachtegaalrietzanger |
| Spotvogel | Bastaard nachtegaal (zie ook Heggenmus) |
| Zwarte roodstaart | Muurnachtegaal |
| Maar niet alleen geldt het bovenstaande voor vogels wat dacht je bijvoorbeeld van groene kikkers, deze amfibieën worden ook wel "Hollandse nachtegalen" genoemd. | |
Spreekwoorden en gezegdes met Nachtegalen
| |
| "Nachtegalen" uit de geschiedenis Florence Nightingale (1820-1910) Zij was onder meer actief tijdens de Krimoorlog (1854-1856) en heeft daar duidelijke verbeteringen aangebracht in de behandeling van besmettelijke ziektes zoals cholera en tyfus. Door haar behandelingen daalde het aantal dodelijke slachtoffers van 42 % tot 2 %. | |
Blauwborsten en nachtegalen | |||
| Fenologie | |||
| 13-03 | Blauwborst | Haaksbergerveen | OV |
| 06-04 | Nachtegaal | Berkheide | ZH |
|
Het onderstaande is een gedeelte uit een EBNNL bericht d.d. 11-04-2001
Van Laurens van der Vaart VWG Wierhaven.
Waarnemingen van nachtegalen in de eerste week van april blijken toch behoorlijk vroeg te
zijn. Er zijn drie waarnemingen uit maart bekend. Amsterdamse waterleidingduinen 2 nachtegalen Vroegste datum is daar 5 april (1985) n.b Gerard van der Klugt is op mijn lijst recordhouder met een eerste melding van de nachtegaal op 6 april 2001 | |||
Nachtegaal zomergast (grootte ongeveer 15 á 16,5 cm)
| Zang blauwborst | |
| ANWB Vogelgids | Zang krachtig en helder, vaak beginnend met lang achtereen herhaald, luid metalig zruu of meer lettergrepig zri-zri-ZRUUT, langzaam versnellend en opeens overgaand in vloed van melodieuze of harde en krassende noten, vaak vermengd met goede imitaties van andere soorten. |
| Lars Jonsson | Zang zeer variabel, een eindeloze vloed van heldere melodieuze tonen, haastige trillers en vaak versnelde kloktonen, zoals trie trie trie trie trie …, of ting, ting, ting, vermengd met imitaties en lokroepen. |
| Welke Vogel is dat | De zang wordt met een "diep diep diep" ingeleid en voortgezet met reeksen snorrende (Thieme) en fluittonen. |
| Hieronder geeft Luuk Punt een uitstekende beschrijving van de zang van de blauwborst het verhaaltje is een
fragment van een bezoekverslag van hem aan de Starrevaartplas op 16 april 2001. In het rietveld de zuidwesthoek van het gebied hoorde ik een blauwborst. Even later kreeg ik hem ook in beeld. Hij zat op een geknakte rietstengel te zingen. De bijnaam "startmotortje" deed hij weer alle eer aan: hij kwam weer moeilijk op gang net als mijn oude deux chevauxtje vroeger.
| |
| Zang nachtegaal | |
| ANWB Vogelgids | Zang krachtig, melodieus en zeer gevarieerd, met vrij korte strofen (2-4 sec) bestaande uit trillende klanken, fluittonen en lispelende en bubbelende noten; best te herkennen aan steeds terugkerende fluittonen in crescendo, LUU LUU LUU LUU LI LI. |
| Lars Jonsson | Zang lijkt op die van de Noordse Nachtegaal, maar is meer gevarieerd en in een hoger (Tirion) tempo, gelijkend op zang van oostelijke Opheusgrasmus. |
| Welke vogel is dat | Het beroemde lied is luid en melodieus, zeer gevarieerd samengesteld uit weemoedig (Thieme) klinkende en aanzwellende, strak en vloeiend gefloten strofen. Zingt ook 's nachts. |
| Het Beste Vogelboek | In kracht, afwisseling van toon en in voordracht is de zang onvergelijkbaar. Hij bestaat (Reader's Digest) uit een snelle opeenvolging van herhaalde tonen, sommige scherp, sommige vloeiend, zoals een zeer luid, diep opwellend 'tsjoek-tsjoek-tsjoek' en een langzaam 'duu-duu-duu', geleidelijk oplopend in een crescendo. |
| Zelf vind ik de zang van de nachtegaal lijken op een waterfluitje. Met veel zware UU klanken erin. | |
| Lokroep | Een vloeiend 'uwiet' en een luid tèk-tèk. (geluid van een draad die tegen een vlaggenmast slaat.) |
| Alarmroep | Een lang scheldend 'krrrs'. |
| Voedsel Zowel de Blauwborst als de Nachtegaal voeden zich voornamelijk met insecten, maar ook wormen, slakjes en spinnen worden wel eens gegeten, soms zullen zij zich te buiten gaan aan wat bessen. |
| BRONNEN | ||
| Boeken | ||
| ANWB | Vogelgids van Europa | Lars Svensson |
| Tirion | Vogels van Europa | Lars Jonsson |
| Bergboek | De Nederlandse Vogelnamen en hun betekenis | Henk Blok en Herman ter Stege |
| Keesing | Encyclopedie van het dierenrijk | Eigener |
| Amsterdam boek | geïllustreerde Encyclopedie | Diversen |
| Elsevier | Petersons vogelgids (elde druk) | R.T. Peterson e.a. |
| Thieme | Welke vogel is dat | Walter Cerney |
| CD-ROM | ||
| CBS | Biobase | |
| Alterra | Poelen en amfibieën | |
| Internet | ||
| Diverse sites | ||
| EBNNL berichten en e-mail Henk Merts mei 2001 | ||
Meer informatie over vogels Op deze site
© Natuur op het web hm Mei 2001
Laatste mutatiedatum 20-05-2001