Woensdag 8 april

Palermo

Eerst gaan we even griezelen in de catacomben van de Kapucijnen. Daar liggen, staan en hangen aangeklede mummies en skeletten. Het was namelijk ooit (in de vorige eeuw dacht ik) chique om je daar, na je overlijden, te laten tentoonstellen. Sommigen zijn redelijk goed gebalsemd en zijn dus mummie geworden, andere zijn nog slechts skelet. Maar wel vaak in driedelig grijs. Hoe dan ook, het is luguber en fascinerend tegelijk. De hoofdattractie is een klein meisje dat in een glazen kist ligt. Zij ziet er zo mooi uit dat je je afvraagt of dit inderdaad een mummie of toch een pop is. Hoewel, Lenin weten ze ook aardig gaaf te houden in zijn mausoleum.

Vervolgens brengt de bus ons naar Monreale, een plaatsje even buiten Palermo met een prachtige kathedraal vol schitterende mozaïeken die allemaal een verhaal vertellen. Ook hier weer een afbeelding van Christus Pantocrator in de apsis. Voor tweeduizend lire blijven de schijnwerpers 2 minuten op al dat moois gericht. Verder zien we ook nog de kloostertuin die omzoomd is met dubbele zuiltjes die allemaal verschillend versierd zijn. Intussen rijdt buiten op het plein een bonte ezelskar toeristen rond de fontein.

Rond het middaguur keren we terug in het hotel waar enkele deserteurs op het dakterras van de zon genieten. Het is inderdaad verleidelijk om erbij te gaan zitten, al was het maar om er wat kaarten te schrijven.

’s Middags maken we een stadswandeling door Palermo onder leiding van een locale gids. Ze spreekt Duits, maar het Italiaans klinkt in elk woord door. We bezoeken het Noormannenpaleis met de koninklijke kapel (ook hier weer schitterende mozaïeken), de San Giovanni degli Eremiti en de kathedraal. Daar wordt een mis voor de carabinieri voorbereid. We zien enkele van deze paramilitaire politiemannen in gala-uniform, waartoe een steek met kleurige pluim behoort. Het mooiste aan de kathedraal is de buitenkant van de apsis.

In dat Noormannenpaleis hebben overigens nooit Noormannen (Vikingen) gezeten. Het zijn de Normandiërs die in het verleden de dienst uitmaakten op Sicilië. Een steeds weer terugkerende naam daarbij is die van koning Roger. Andrea vertelt er vaak over, maar helaas (nou ja) is mijn geschiedkundig geheugen niet zo geweldig. Wie er meer over wil weten moet maar een boek lezen, of op Internet zoeken natuurlijk.

We waren al voor straatrovers gewaarschuwd. En vandaag gebeurt het dus: iemands tas wordt geroofd. De eigenares had haar keurig om de nek gehangen en aan de huizenkant gedragen, maar ze werd gewoon op de grond gegooid en de tas werd weggegrist. Voordat haar echtgenoot doorhad waarom zijn vrouw op de grond lag was de vogel natuurlijk allang gevlogen.

‘s Avonds gaan we met een paar man naar het marionettentheater. Er wordt geen poppenspel voor kinderen opgevoerd maar een historisch verhaal. In het Italiaans wel te verstaan, waardoor het dus juist niet te verstaan is. Maar de strekking is duidelijk: de goeden vechten tegen de kwaden. Er worden grote marionetten gebruikt, ze zijn zo’n 50-60 cm groot. En niks geen dunne onzichtbare draden. Gewoon een stang door hoofd en rechterhand en een dik touw aan de linkerhand. Niet perse elegant, maar het geeft de spelers wel de mogelijk om de poppen een zwaard te laten vasthouden en ze er flink op los te laten staan. Hoofden worden gespleten of afgehakt, ja zelfs complete lichamen gaan in tweeën onder het geweld. Daarbij wordt flink gestampt en geschreeuwd en de metalen harnassen kletteren dat het een lieve lust is.

Om 23.45 uur lig ik al uitgebreid te slapen als de telefoon gaat. De receptie, begrijp ik. Over een probleem met het water op kamer zoveel. De rest van het betoog begrijp ik niet en dat vertel ik die man ook. Waarna ik een vrouw aan de lijn krijg die klinkt alsof ze stomdronken is en die ik al helemaal niet begrijp, wat ik wederom duidelijk maak aan de man die de hoorn weer overneemt. "Laat ook maar", mompelt hij en verbreekt de verbinding. Na deze nachtelijke conversatie in het Italiaans word ik kwaad. Ik kan veel hebben, maar ze moeten me niet uit mijn diepe slaap halen voor een flauwekulverhaal. Doordat ik me steeds verder opwind duurt het een uur vooraleer ik de slaap weer kan vatten.

vorige daghomevolgende dag