Vrijdag 17 april
Napels en Pompeii
In Napels hebben wij slechts één doel: het Nationaal Museum. Daar bevinden zich namelijk mozaïeken en gebruiksvoorwerpen die bij de opgraving van Pompeii gevonden werden. Het museum ligt voor ons gezien aan de andere kant van Napels waardoor we toch nog aardig wat van de stad te zien krijgen. Het museum blijkt niet om negen, maar pas om tien uur open te gaan en dus is er nog tijd voor een bezoekje aan een bar. Daarna loop ik toevallig langs een winkel waar ze paraplus voor maar vijfduizend lire verkopen. Dat is geen geld en mijn ooit in Rome aangeschafte paraplu heeft het gisteren in Paestum definitief begeven, dus ik draal niet lang en koop een nieuwe. De winkeljuffrouw kijkt mij verbaasd aan als ik de oude paraplu in de afvalemmer gooi. Van buiten zie je niet dat hij stuk is.
De mozaïeken in het museum zijn prachtig. Sommige zijn van zulke fijne steentjes gemaakt dat je van een afstand denkt dat het schilderijen zijn. Bij de voorwerpen valt een beautycase en een vaas van blauw en wit glas (camee-motief) op. In een aparte zaal bevindt zich een grote maquette van Pompeii, maar die zaal is met een bankje afgesloten. We sluipen toch naar binnen en worden weggejaagd, maar als Andrea even later een goed woordje voor ons doet mogen we er toch weer even in. Let wel, alleen onze groep. Als ik later in de museumwinkel de te koop aangeboden ansichtkaarten bekijk begrijp ik dat er in dit museum ook ergens een afdeling met pornografische mozaïeken moet zijn. Later lees ik dat die er inderdaad is, maar ze is permanent gesloten.
We rijden nu naar Pompeii en daar moeten we eerst op eigen gelegenheid op zoek naar voedsel. Er zijn wat zelfbedieningszaakjes die ons - een man of vijf - niet aanstaan, dus we lopen door en komen uit bij een tent die nog minder lijkt. Een ijverige jongeman neemt ons mee naar het restaurant ernaast dat er gelukkig heel wat beter uitziet. Dat is uiterlijke schijn, want onze bestellingen worden uit dat andere restaurant overgebracht... Terwijl wij onze pizza's eten begint het buiten te hozen. Dat doet het ook nog als we ons voor de rondleiding moeten verzamelen, het wordt alleen maar erger. Zo erg dat een klein aantal mensen besluit om met de Circumvesuviana (een lokale trein) terug naar Sorrento te gaan. De rest loopt door de stromende regen achter onze plaatselijke gids Mariet aan. Mariet is Nederlandse met een aparte spreekstijl, je bent geneigd om achter elke zin "amen" te zeggen. Maar dat went gauw en dan blijkt zij een uitstekende gids te zijn die het verleden via allerlei gezegden en uitdrukkingen met het heden weet te verbinden. Mariet leidt ons door een klein deel van de resten van deze grote stad. We zien winkels, bakkerijen, woonhuizen en de thermen. Die thermen zijn nog intact, hun tongewelven heeft de druk van as en puimsteen weerstaan. We zijn weer eens hevig onder de indruk. Ondanks de regen had ik deze zeer interessante rondleiding niet willen missen. En ach, zo af en toe was het ook even droog.
Na de rondleiding is er nog tijd om souvenirs te kopen. Het boek dat Mariet heeft aanbevolen kost officieel 15.000 lire, maar meer dan tienduizend moesten we niet geven had ze gezegd. Eén handelaar blijkt het boek stiekem voor negenduizend te verkopen. Het wachtwoord luidt "Olanda". Samenzweerderig geeft hij je te verstaan dat je moet zeggen dat je tienduizend lire betaald hebt als iemand er naar mocht vragen. Bij het boek overhandigt hij een briefje van duizend lire en de koper geeft er een van tienduizend, dus je zou niet eens liegen als je ondervraagd zou worden. Elders zie ik een groepslid moeite doen om de prijs naar tienduizend te krijgen. Van enige afstand zeg ik rustig: "Cis? Negenduizend." Zij pikt de boodschap op maar de verkoper gebaart dat daar geen sprake van kan zijn. Ik ga dus met Cis naar die andere kraam, zeg het wachtwoord terwijl ik naar haar wijs en weer heeft een blije de kartel-afspraken weten te ontduiken.
Terug in het hotel krijgen we als voorgerecht gnocchi (spreek uit: njokkie) geserveerd. Dit zijn kleine schelpjes die op pasta lijken maar van aardappelen gemaakt zijn. Jaren geleden heb ik ze voor het eerst gegeten en was meteen verkocht, dus ik ben Andrea dankbaar dat zij dit met het hotel geregeld heeft. Helaas zie je ze bijna nooit bij Italiaanse restaurants in Nederland op het menu staan.