|
|
Het Kykkos-klooster Bij het Kykkos-klooster aangekomen rijden we eerst nog wat verder de berg op naar de laatste rustplaats van Makarios III. Het graf stelt niet veel voor, maar er zijn nog wel twee soldaten, min of meer als erewacht denk ik. Zij wijzen in de verte waar een wazige witte streep de besneeuwde bergtoppen van het Turkse vasteland markeert. Het uitzicht is adembenemend, niet eens zozeer vanwege de schoonheid als wel vanwege de reikwijdte van je blik op deze heldere dag. De kloosterkerk heeft de mooiste iconostase die ik op Cyprus gezien heb. De muren en het gewelf zijn met recente, mooie muurschilderingen bedekt. De omgang in de kloosterhof is voorzien van in de zon blikkerende mozaïeken en muurschilderingen. De opvallendste muurschildering is die waarin Christus aan het kruis gespijkerd wordt ondersteboven wel te verstaan. Als ik de foto van dit tafereel thuis nader bekijk blijkt dat het waarschijnlijk niet om Christus gaat, want de tekst die erbij staat luidt: "O APOSTOLOS PETROS", de apostel Petrus dus. Het eten is hier boven op de berg duur. Voor een paar boterhammetjes, een gebakje en een 7up betaal ik bijna 4 pond, zeg maar 16 gulden. Maar vooruit, het prachtige weer is daarbij inbegrepen. Takis zegt een mooiere weg terug te weten dan wij. Via een snoepverkoper onderhandelen we met hem en hoewel hij zegt dat hij "slechts de chauffeur" is wordt zijn voorstel uiteindelijk toch maar geaccepteerd. Hij is immers van hier, dus hij zal het wel beter weten. Takis wijst diverse keren hetzelfde verlaten Turkse dorp in het dal aan. Moeflons Via smalle, bochtige weggetjes bereiken we een terreintje waar moeflons binnen een omheining leven. Na enig speurwerk zien we de dieren en we hebben geluk: we zien een pasgeboren jong dat met assistentie van zijn moeder probeert overeind te krabbelen. Dat is een hele klus op die vervelende keien. Moeder loopt ter aanmoediging een paar passen weg maar komt steeds weer terug om haar jong liefdevol te likken. De mannelijke dieren met hun imposante horens zien we slechts als schimmen door het dichte struikgewas. Jeepsafari We hebben dan wel geen jeep, maar toch neemt Takis ons in zijn minibus mee op jeepsafari: hij stuurt zijn bus van de verharde weg af, een diepe kloof in. Met 20-30 km/u hobbelt het busje over de hobbelige weg die regelmatig door bergstroompjes gekruist wordt. Het is een geweldige rit die moeilijk te beschrijven is, maar die er mede voor zorgt dat deze dag door velen van ons als de mooiste van de hele vakantie beschouwd wordt. s Ochtends had ik al zon voorgevoel dat deze kwalificatie wel eens zou kunnen gaan gelden. Kerkdienst Terug in de bewoonde wereld moeten we even langs het huis van de chauffeur omdat hij visitekaartjes moet omhalen om later in Pafos uit te delen aan andere toeristen. In zijn dorp, Palemi, zien we de vrouwen vroom ter kerke gaan terwijl de mannen gezellig voor het dorpscafé zitten en ons langsbussende toeristen nakijken. Omdat het bijna orthodox Pasen is willen we ook nog even een kerk aandoen. Het is inmiddels 7 uur geweest en de dienst is begonnen. Elke had ons al verteld dat het heel gebruikelijk is dat mensen gedurende de hele dienst in- en uitlopen. Een vrouw links voorin leest in rap tempo teksten op die kennelijk niet alleen voor ons onbegrijpelijk zijn en daarbij moet zij herhaaldelijk aan een mannelijke collega vragen waar ze verder moet. Zo af en toe roept de priester, die zich achter de iconostase bevindt, iets terug. Het lijkt er allemaal heel ongedwongen aan toe te gaan. Buiten gaat de zon als een vuurrode bal onder. s Avonds in de hotelbar geeft I. ter gelegenheid van een erfenis waarvan zij een paar dagen geleden per fax op de hoogte werd gesteld een rondje voor de hele groep. We zitten allemaal in een grote cirkel waarmee we de lobby zowat blokkeren, want morgen vertrekt het eerste grote contingent van 10 personen naar huis. Het vertrek van het eerste tweetal afgelopen dinsdag is geruisloos verlopen maar nu neemt menigeen met iets van weemoed afscheid. |